Trip van mijn leven

Het is maandagochtend. Normaal gesproken maak ik mij klaar voor een nieuwe werkdag, maar vandaag staat er iets anders op het programma. Vandaag vlieg ik naar Madrid. Een droom wordt werkelijkheid. Ik ga onze jongens aanmoedigen in een Europese uitwedstrijd. Vliegen is voor mij niet iets wat ik dagelijks doe. Ik maak mij ook weken voordat ik ga vliegen druk of alles goed gaat. Ik moet toch mijn rolstoel meenemen. Maar ik had alles goed van te voren geregeld, Misschien maak ik mij ook veel te druk?

Op weg

Rond 9 uur was mijn moeder bij mij. Ik was nog niet helemaal klaar met aankleden, maar wel bijna. Mijn moeder zorgde ervoor dat de laatste dingetjes in mijn koffer zaten. Nog snel even tanden poetsen en dan snel weg. Rond half 10 zat ik in de auto naar Schiphol. Ik moest rond 11 uur bij de incheckbalie zijn dus we waren wel op tijd. Al was er wel een file naar Schiphol, dus het was wel verstandig vroeg te vertrekken. We waren nog voor elven op Schiphol. We stonden bij de juiste incheckbalie en terminal. De grondstewardess was al bezig om labels te maken voor mijn rolstoel en toen kwam Philip er ook aan.

Rolstoel tot de gate

Samen met grondstewardess gingen we naar de assistentie voor mensen in een rolstoel. Eerst ging ik even naar de toilet. Toen we terugkwamen gaf de assistentie aan dat ze geen transfer zouden maken naar een stoel waar ik onderuit zou zakken. Er moest een schaarwagen komen zodat ik tot de gate in mijn eigen rolstoel kon blijven zitten. Na heel wat overleg is dat ook wat er gebeurde. Doordat onze vlucht echt wat vertraging had was de schaarwagen er ook op tijd. Uiteindelijk vertrokken we een uur later dan de oorspronkelijke vertrektijd. Het vliegtuig zat vol met Ajax-supporters die ook naar de wedstrijd gingen. Een goede reden om door het vliegtuig de Ajax Marsch te laten horen. Zo komen we lekker in de stemming. Toen we uiteindelijk vlogen ging de vlucht ook snel. Een beetje een boekje lezen: Ik, Zlatan. Lekker over voetbal lezen om nog meer in de stemming te komen. En natuurlijk de voorpret met Philip door al over de wedstrijd van morgen te praten.

Taxi naar hotel

Rond kwart voor 5 landen we in Madrid. We zijn weer de laatste die uit het vliegtuig gaan. Door Spanjaarden die geen woord Engels konden spreken werd ik uiteindelijk uit het vliegtuig getild. Toch eerst een transfer naar een andere duwstoel. Bij de rolband van de ruimbagage was ook mijn elektrische rolstoel. Later bleek dat mijn ruimbagage nog in Amsterdam was. Maar hij was al meegenomen met de volgende vlucht naar Madrid. Bij het vliegveld zouden ze ervoor zorgen dat mijn koffer bij het hotel gebracht zou worden. Wij moesten nu een taxi naar ons hotel. De taxibedrijf dat ik kon bellen bleek toch niet (zo snel) een rolstoeltaxi te hebben. Daarnaast sprak ook niemand Engels. Gelukkig werden wij geholpen door de mensen bij het vliegveld. Eerst zouden we dan maar de bus nemen naar ons hotel, maar de vrouw bij het toeristenwinkeltje ging toch maar bellen voor een rolstoeltaxi. Het zelfde taxibedrijf bleek ons nu toch te kunnen brengen naar ons hotel.

Even bijkomen

Eenmaal in ons hotel legden we onze spullen in onze kamer. Het was een goed aangepast kamer. Het had een douchestoel aan de muur in de badkamer en die kon je verschuiven langs de muur. Na het bezichtigen van onze kamer namen we een welverdiende drankje aan de bar van ons hotel. Heel even bijkomen van onze vlucht. Daarna gingen we rustig kijken waar we konden eten. We gingen op stap. Een paar straten van ons hotel was een winkelcentrum. In Nederland zou je verwachten dat een winkelcentrum gesloten was. Maar in Madrid waren ze nog open omdat ze hier ook nog vol zitten met restaurants.

Eten op zijn Spaans

Uiteindelijk vonden we een restaurant, waar ik naar mij gevoel ook naar Spanje voor kwam, waar je tapas kon krijgen. In Spanje heerst een heel ander eetcultuur. Eten in Spanje is iets wat je samen doet. Daarom is tapas waarschijnlijk uitgevonden door Spanjaarden. Kleine hapjes eten samen met vrienden verdeeld over de hele avond. Wij Nederlanders willen graag eten om standaar 6 uur ’s avonds en we schrokken het binnen maximaal een half uurtje naar binnen. We hadden ook geen tijd om er de hele avond over te doen, want 11 uur was mijn verzorger bij mijn hotel om mij in bed te leggen. En morgen was het matchday en moesten we er ook niet al te laat uit. We namen eerst twee tapas gerechten. Eén hele lekere Spaanse ham, iberico-ham. Na de twee tapas namen we toch een vast gerecht. Ik een entrecote en Philip een hamburger met de iberico-ham. Die ham moet ik onthouden.

Vriendelijke verzorger

Daarna moesten we echt weer naar ons hotel. Tien voor 11 waren we bij ons hotel. Bruno, mijn verzorger voor de komende dagen was er al. Bruno is een vriendelijke man. Het was duidelijk dat we even aan elkaar moesten wennen. Uiteindelijk had hij mij vrij snel in bed. Bruno wilde toch nog even aangeven op een kaart wat we volgens hem echt moesten zien van Madrid. Erg vriendelijk maar uiteindelijk waren we hier maar drie dagen waarvan maar één volledige dag. En die dag stond in het teken van voetbal.

Moeizaam opstaan

De volgende ochtend kwam Bruno toch een uur eerder dan afgesproken. Het ontbijt was namelijk tot half 11. Dat wil zeggen je moest voor half 11 in de ontbijtzaal zijn. Het was maar goed dat Bruno er eerder was, want het bleek zo te zijn dat de tillift niet onder het bed kon komen. Uiteindelijk lukt het met veel moeite om mij onder de douche te krijgen. Het aankleden daarna duurde ook al langer en uiteindelijk waren we na half 11 klaar. We gaven aan dat we later zouden zijn en gelukkig maakte het hotel een uitzondering voor ons. Het waren vriendelijke mensen van het hotel. Bij de receptie zouden ze ook een taxi terug regelen naar het vliegveld voor morgenochtend.

Waar we voor kwamen

Toen was het echt tijd om naar de plek te gaan waarvoor we kwamen. Rond 12 uur vertrokken we naar Estadio Santiago Bernabéu. Het was iets langer dan een half uur lopen. Toen wij in de buurt kwamen van het stadion zagen we nog meer Ajax-fans. Het winkelcentrum waar we de kaarten moesten ophalen was daardoor makkelijk te vinden. Nu nog een juiste ingang voor de rolstoel. Er waren stewards meegekomen om te helpen. Uiteindelijk waren we in het afgelegen zaaltje waar we de kaarten moesten ophalen. Er was een rij, maar met mijn rolstoel mocht ik er vrij snel doorheen. Nu hadden wat we vanavond echt nodig hadden: de kaarten!

Voorpret rondom het stadion

Wat gingen we nu doen? Het was nog 8 uur voor de wedstrijd. We konden misschien met de metro toch naar het centrum? We wisten niet precies hoe we het snelst daar kwamen. En door de drukte van het centrum was het ook moeilijk om weer terug te komen bij het stadion. We wilden toch 2 uur voor de wedstrijd weer bij het stadion zijn om ook rustig nog wat te eten. We besloten rondom het stadion te blijven.

Estadio Santiagio Bernabéu

Het eerste wat we gingen doen is bekijken wat onze ingang is bij het stadion. Er kunnen ruim 80.000 toeschouwers in het Estadio Santiago Bernabéu. Dat zijn ruim 20.000 toeschouwers meer dan de Johan Cruijff Arena. Toch kent de Bernabéu meer ingangen. Om het hele stadion zijn allemaal luiken gemaakt. Hierdoor kunnen de toeschouwers veel sneller het stadion in en uit. Dit zou vanavond ook blijken.

Onze jongens steunen

Tijd om even de Adidas-shop bij het stadion in te gaan. Zelf had ik de gedachten om een Real Madrid-shirtje aan te schaffen. Maar het bleek echt helemaal de officiële shirt en die zijn zelfs 100 euro. Iets te gortig. Daarnaast was ik hier als Ajacied en was Real Madrid onze tegenstander vanavond. Dat moest ik ook tonen. Onze jongens hadden mijn steun nodig vanavond.

Drankjes drinken

We moeste nu de tijd doden. We gingen maar een drankje doen bij het winkelcentrum waar we net onze kaarten hadden opgehaald. Even een een fotootje maken van de kaarten en showen aan onze vrienden en familie. Daarna maar weer even langs de Bernabéu en op de foto bij de hoofdingang. Ook is er bij de Bernabéu het Real Madrid-café. Hier deden we ook een drankje. Al was het daar wel duur. Maar vanuit dat café had je een heel mooi uitzicht over het hele stadion. Misschien ook een idee voor de Johan Cruijff Arena.

Moeilijk om eettentje te vinden

Het liep al tegen zessen. Tijd om een tentje op te zoeken om wat te eten. Eerst vonden we een tentje vlakbij het winkelcentrum. We namen maar eerst een biertje. Nadat we rustig ons biertje dronken en Philip al aan zijn tweede biertje was begonnen vroegen we of wij ook iets konden eten. Wat bleek is dat de keuken pas om half 9 open ging. Ik vertelde al dat Spanjaarden veel later eten dan Nederlanders en het is ook rustig en genieten met elkaar. Maar vanavond hadden we daar geen tijd voor. Er wacht een wedstrijd op ons. Toen vonden we tapasbar vlakbij het stadion. Het was nog rustig maar we konden er wel eten.

Mede-Ajacieden

Toen wij rustig onze eerste twee tapas-gerechten bestelden en daarna zelfs een tweede ronde bestelden werd het drukker in het restaurant en juist drukker met Ajacieden. Het was een grote groep. Ze waren op de Puerta del Sol geweest. Ze lieten zien hoe groot de groep Ajacieden was die daar waren. Er was al een goed sfeertje.Het liep nu tegen achten. We besloten nu naar het stadion te gaan. Bij het stadion zagen we dat de luiken nu open stonden. De supporters konden inderdaad vrij snel naar binnen. Het luik waar wij naar binnen moesten stond ook al open en je was echt sneller binnen dan in de Arena. Je hoefde ook geen lift te nemen. Opvallend was dat ik niet de enige in een rolstoel was die de reis vanuit Nederland heeft genomen. Er waren drie andere Ajacieden in een rolstoel.

Voorbereiding

Vanuit de locatie waar wij zaten kon je het veld goed zien. Al leek het stadion vanuit onze hoek niet zo groot, terwijl er 80.000 toeschouwers in kunnen. De keepers van Ajax warmde zich al op en wij kregen het gevoel dat het nu echt ging beginnen. We maakten meer filmpjes en foto’s dan tijdens de thuiswedstrijden van Ajax. Dat is ook een belevenis dat je de rest van je leven bij zal blijven.

Start wedstrijd

Het clublied van Real Madrid werd afgespeeld en je zag beelden van het grote verleden van Real Madrid. Nu begon dan eindelijk de wedstrijd. Real Madrid begon sterk. Varane had in de eerste minuten een kopbal op de lat. We dachten dit wordt een ongelofelijke moeilijke avond. Ajax had nog geen kans gehad en opeens had Ziyech de kans om 0-1 te maken. Dat gebeurde. Een paar minuten later gaf Tadic een mooie pass aan Neres. Hij ging om de keeper en maakte 0-2. Onvoorstelbaar, we staan 0-2 in Bernabéu. Maar er was pas 20 minuten gespeeld. Real Madrid had nog genoeg tijd om in de wedstrijd te komen.

Geërgerde Real-supporters

De tijd ging voorbij, maar Real Madrid kwam nog niet in de wedstrijd. Het was bijna rust. En de Real Madrid-spelers gingen zich steeds meer ergeren. Ze maakten ook steeds meer overtredingen. Naast ons zat een Real-supporter in een rolstoel. Philip kan redelijk Spaans en vertelde dat ‘onze vriend’ naast ons redelijk kwaad was en alles wat Real deed was verkeerd.

Drankje om bij te komen

Het was rust en Philip ging kijken of hij ergens wat te drinken kon regelen. Hij bleef de hele rust weg. Net als wedstrijden in de Arena zal het wel hartstikke druk zijn bij de tentjes voor wat drinken en eten. Even later kwam hij terug met twee cola’s. Het is een Champions League-wedstrijd, dus er is alleen alcoholvrij bier. Dan is cola lekkerder.

Gemor op tribune

De tweede helft begint. Real zet nu echt druk. Je krijgt het gevoel dat Ajax dit niet vol gaat houden. Maar Onana staat goed zijn mannetje. De tijd verstrijkt en Ajax lijkt het toch een beetje onder controle te krijgen. Je hoort gemor van Real-supporters op de tribune. Dan is er in de 60ste minuut weer een razendsnelle aanval van Ajax. Mazraoui zorgt ervoor dat de bal net niet uitgaat en de bal wordt snel doorgespeeld naar Tadic en die heeft toch een schot, 0-3. Wie dit vooraf gezegd zou hebben verklaarde ik voor gek. 0-3 tegen Real Madrid! Daarna gaan er een aantal minuten voorbij. De scheidsrechter wil echt weten of de bal die Mazraoui net niet uit liet gaan ook werkelijk niet uit was. Het duurt qua gevoel eindeloos. En het wordt onrustig op de tribunes. Maar het verlossende fluitsignaal. De goal wordt goedgekeurd!

Geen geloof meer

Nu heeft Real het erg moeilijk. Ze hebben minder dan een half uur om 3x te scoren. Het gaat tegen de 70ste minuut. Asensio doet iets terug, 1-3. Real-supporters die eigenlijk wilden vertrekken keren toch nog even terug. Maar een paar minuten later is het geloof in een terugkeer in de wedstrijd weer verdwenen. Ajax krijgt een vrije trap en Schöne schiet de vrije trap net in een moeilijke hoek. Maar de bal gaat met een boog over de lange Courtois. Wat een doelpunt, 1-4.. Het is de 75ste minuut maar Real-supporters vertrokken al uit het stadion. Ook onze kwade vriend naast ons.

Thuiswedstrijd Ajax

De laatste tien minuten lijkt wel een thuiswedstrijd voor Ajax. Er is geen Real-supporter meer te vinden. De tijd verstrijkt en de Real-spelers lijken het ook op te geven. Dan klinkt het laatste fluitsignaal. Uit alle hoeken komen Ajacieden. Ongelofelijk, we hebben gewonnen van Real Madrid! Philip en ik gaan uit onze dak. Dit zullen we onze hele leven niet meer vergeten. De spelers gaan helemaal uit hun dak. Er wordt gezongen: “90 minuten lang. Gekkenhuis op de tribune.”

Terug naar ons hotel

Na een kwartier worden we toch door de stewards vriendelijk gevraagd het stadion te verlaten. Ik moet er toch aan wennen dat ik zo buiten ben. In de Arena was ik nog drie kwartier bezig geweest. Wanneer we weer buiten staan is het even oriënteren welke kant we op moeten gaan om terug te keren naar ons hotel. Ik app Bruno om te vertellen dat we van plan zijn weer terug te keren naar ons hotel. Als we de juiste richting gekozen hebben komen we een groep Real-supporters tegen die voor een camera aangeven dat voorzitter Valentino Perez moet opstappen. Ik probeer een lage stoep te vinden om op de weg te komen. Die blijkt daar niet te zijn. Nu moet ik weer helemaal terug rijden.

De terugweg

Tijd om weer dezelfde weg terug te rijden als begin van de middag. Nu in het donker lijkt de weg toch iets ongezelliger. Al maakt de overwinning van Ajax alles goed. Na een tijdje merken we dat we uit het gespuis van supporters wegkomen. We zien geen politie meer. We komen in een buurt waar op verschillende hoeken restaurantjes zijn. Het is half 12 ’s avonds en de restaurantjes zitten nog vol met mensen. Ongelofelijk.

Laatste maal in Spanje

Rond 12 uur waren we bij ons hotel. Bruno zat in de lobby al op ons te wachten. Hij vond het apart dat we vandaag rond de Estadio Santiago Bernabéu zijn gebleven. Maar het was al laat en morgenochtend moesten we er weer 8 uur uit. Toen Bruno ’s morgens terug kwam waren wij nog steeds in euforie. Het ging deze ochtend sneller dan gisteren. En we haalden alles nog uit onze hotelkamer. Bruno wilde mij nog helpen bij het ontbijt. Terwijl zijn tijd er al op zat. Heel erg vriendelijk en hierdoor ging misschien ook het ontbijten sneller. Waarschijnlijk hou ik nog contact met Bruno. Volgend jaar wil hij in ieder geval naar Amsterdam komen.

Snel op luchthaven

Om 10 uur stond er inderdaad een taxi klaar om ons naar de luchthaven Barajas te brengen. Ik kreeg ervaring en ik wist nu hoe ik moest inchecken met een rolstoel. Het ging veel sneller. Onze vlucht terug naar Amsterdam ging om half 2. Om 11 uur waren we al door de douane en hoefden we alleen nog te wachten op onze vlucht. Philip kocht nog goedkoper een geurtje. Ik telefoneerde nog met pappa. Heb volgens mij nog nooit zolang met hem getelefoneerd. Hij was ook helemaal onder de indruk wat er gisteren was gebeurd.

Kuddedieren

De vlucht naar Amsterdam had, net als de vlucht naar Madrid, vertraging. Maar het maakte mij niet. Ik zat daar te wachten met een ontzettend gelukkig gevoel. Toen de passagiers uit het vliegtuig kwamen waar wij even later in zouden gaan bedacht ik wat een kudde mensen vliegen alleen al per dag van Amsterdam naar Madrid. Wat hadden deze mensen toch allemaal voor een doel? Elke dag weer.

Thuis nagenieten

We vlogen terug naar Amsterdam. Ik was weer de laatste die het vliegtuig zou verlaten. Maar het duurde weer een stuk langer omdat er geen schaarwagen klaar stond. Er gingen al passagiers naar binnen omdat dit vliegtuig verder zou vliegen naar Berlijn. Uiteindelijk konden we eruit. Pappa zat al te wachten op mij. We liepen met Philip tot de plek waar hij de trein zou nemen. Ik ging met pappa naar huis.

Een avontuur om nooit te vergeten

Wat avontuur met Philip. Dit zal mijn hele leven bij blijven. Ik voel mij nog meer een Ajacied en een Amsterdammer. Dit heeft ervoor gezorgd dat ik mij nog meer verbonden voel met de stad. Werken voor Amsterdam, wonen in Amsterdam. Eens een Ajacied, altijd een Ajacied. Eens een Amsterdammer, altijd een Amsterdammer.

Verbeteringen beginnen lokaal

We zijn alweer een eindje op weg in 2018. Sinds begin deze maand heb ik een jaarcontract bij de gemeente. Daarnaast zijn er weer bijna de gemeenteraadsverkiezingen. Er zijn volop debatten en en wordt weer campagne gevoerd. Kortom ik kan mij niet beter voelen. Vorige week vrijdag was ik bij de lijsttrekkersdebat van De Balie. Het zegt toch wat over de stad Amsterdam dat de nationale lijsttrekkers hier komen om het over Amsterdamse onderwerpen te hebben.

Republiek Amsterdam
Ze zeggen wel eens dat Amsterdam een republiek is. En misschien is dat ook wel een beetje zo. Ze hebben hun eigen politiek, dat vaak anders gekleurd is dan de nationale politiek. De komende tijd zijn er in de stad weer veel debatten tot aan de verkiezingen op 21 maart. Dit leeft in Amsterdam als in geen enkele andere stad. Zo is er aanstaande dinsdag het verkiezingsdebat van Cliëntenbelang. In Hotel Arena verzamelen kandidaatsraadsleden van twaalf verschillende partijen om te debatteren over gelijke kansen voor iedereen, een toegankelijke en inclusieve stad en goede betaalbare zorg.

Hoe ver zijn we?
Het is nu twee jaar geleden dat de Tweede Kamer besloten heeft het VN-verdrag inzake rechten voor personen met een handicap te ratificeren. Vanaf 14 juli 2016 is het verdrag in werking. Maar wat wordt er nu werkelijk gedaan om aan de eisen te voldoen dat dit verdrag stelt? Hoe ver zijn we als stad? Dit zijn belangrijkere vragen. Naar verwachting komt dit zeker aan de orde tijdens het debat. Twee jaar geleden was ik ontzettend blij toen het verdrag geratificeerd zou worden. Ik denk nog steeds dat het ratificeren van dit verdrag leidt naar veel positieve veranderingen. Dat openbaar gebouwen toegankelijker worden, dat reizen met het openbaar vervoer nog makkelijker gaat en dat iedereen evenveel kansen heeft op onderwijs en werk.

Een kwestie van een lange adem
Natuurlijk kan Nederland en Amsterdam niet van de één op de andere dag voldoen aan de eisen van dit verdrag. Hiervoor moet je ook een lange adem hebben van wel jaren. En ik geloof ook werkelijk dat we uiteindelijk aan de eisen gaan voldoen die het verdrag stelt. Maar in oktober vorig jaar was ik bij de thema-avond ‘Stad zonder grenzen’. Hier sprak wethouder Eric van der Burg en het klonk redelijk vrijblijvend. Het zou nog wel tientallen jaren duren voordat Amsterdam echt aan de eisen voldoet wat het verdrag stelt. Hij gaf ook niet echt doelstellingen.

Langzaam stappen vooruit
Op de site van het College van de rechten van de Mens staat dat een VN-comité zal rapporteren over het implementeren van het verdrag. De eerste keer zal dat zijn in juni van dit jaar. Daarna zal dit elke vier jaar gebeuren. Maar ik ben natuurlijk geen jurist en op papier zal dit allemaal wel kloppen. Ik kan dus alleen zien wat er in de praktijk gebeurd. En dan vind ik het toch langzaam gaan en kan ik niet begrijpen waarom sommige dingen tientallen jaren moeten duren.

Het begint lokaal
Begrijp mij niet verkeerd. Ik heb een fantastisch leven en in een stad als Amsterdam kom je overal met tram, metro en bus. Maar soms kan het in Nederland zo lang duren om een besluit te nemen. En dan zie je dat landen om ons heen toch op ons voorlopen. Zoals de toegankelijkheid van toiletten van cafés en restaurants in Groot-Brittannië. Ik ben ervan overtuigd dat de beste manier om hier verandering in te brengen je naaste omgeving is. De mensen in jouw omgeving er bewust van laten worden. Daarom zet ik mij ook graag in voor Onbeperkt Oost en vind ik de lokale politiek zoveel interessanter dan de nationale politiek. Daarom kijk ik uit naar alle mooie debatten die deze stad nog in het vooruitzicht heeft. Als eerste het debat van Cliëntenbelang aanstaande dinsdag.

De stad waar alles kan

De feestmaand is net begonnen. En voor mij zal het echt een feestmaand worden. Na drie maanden werkloos te zijn geweest heb ik weer een baan. Het meest ideale is dat ik iets meer dan twee kilometer woon van mijn werkplek. Ik zal elke dag reizen naar de Weesperstraat. Daar ga ik werken voor het communicatiebureau van de gemeente als webredacteur voor de pagina’s van de stadsdelen.

Reizen is omslachtig voor mij
Het afgelopen jaar had ik banen in respectievelijk Zeist en Heemstede. Alhoewel Heemstede niet zo ontzettend ver van Amsterdam ligt was het wel omslachtig om er te komen. De vorige jaren had ik met Philips en Telfort ontzettend veel geluk dat ik woonde en werkte in de zelfde stad. En dat wilde ik ook weer het liefst na mijn ervaringen van werken in Zeist en Heemstede. En nu mag ik dan weer wonen en werken in deze prachtige stad. Ik ga zelfs voor de stad werken.

Grote stad is één grote ontdekking
Ik krijg bij Amsterdam altijd het gevoel als de series en films die zich afspelen in New York. Je woont en leeft in één stad. Iets anders ken je niet. Je zoekt je weg via het openbaar vervoer zoals de metro. Ik kijk tijdens dat reizen ongelofelijk veel naar andere mensen en vind de verscheidenheid leuk. Alhoewel ik in Heemstede ben opgegroeid voel ik mij steeds meer Amsterdammer. Ik vind het heerlijk om rond te struinen in deze stad en maanden niet over de stadsgrenzen te komen. Misschien is dat een vorm van arrogantie. Maar dan wordt dat maar zo gezien. Ik wil werken en wonen in een stad die bruist.

Leven naast elkaar
In een stad als Amsterdam wonen zoveel mensen dat je heel erg naast elkaar leeft. Zo woon ik vlakbij de Indische Buurt. Hier wonen ongelofelijk veel nationaliteiten en culturen naast elkaar. Toch trek ik meer op met mensen met mijn achtergrond.
Misschien is dat niet erg, maar ik kwam er laatst wel achter dat ik niet eens weet wat er speelt bij mensen met een andere achtergrond. Zo zat ik laatst in een bus met een chauffeur met een islamitische achtergrond. Ik vertelde dat ik naar de doop van mijn nichtjes ging. Hij wist niet wat een doop was. Na dat ik het uitlegde wat het was kwam een heel verhaal over hoe de wereld was ontstaan volgens ‘zijn boek’ de koran. Toen ik vertelde dat ik zelf atheïstisch was begreep hij er al helemaal niets meer van. De hele rit bleef hij mij ervan overtuigen dat wat in ‘zijn boek’ stond het juiste was.

Inleven in een ander
Misschien is het toch goed om elkaar beter te begrijpen. De komende tijd stel ik het doel om mij in te leven in andere mensen. Al is dat heel moeilijk omdat je altijd je eigen mening vormt. Tijdens mijn studie heb ik ook geleerd dat objectiviteit niet bestaat. Zelfs het journaal is niet 100% objectief. Maar je kunt altijd proberen om je in te leven in een ander. Zo wil ik de komende tijd de bijbel en de koran gaan lezen. Al heb ik een versie van Kader Abdolah en weet ik niet helemaal precies of dat het zelfde is. Dit is misschien een goede eerste stap om een ander te begrijpen. Uiteindelijk is de stad van elke Amsterdammer en elke Amsterdammer moet zijn of haar weg vinden op de site van deze prachtige stad.

D66: Kansen voor iedereen

Nog een paar dagen voor de verkiezingen en de spanning stijgt. De Landelijke bustour van D66 is beland in mijn stadsdeel. De bus parkeert op het Javaplein. Zo’n grote bus heeft ook meteen de aandacht van de mensen op straat. Die komt niet zo vaak op dit plein. Door de mensen uit de bus hebben we nog nooit zo’n grote groep gehad die meedoen aan een flyeractie. Uit de bus komen onder andere kandidaten voor Tweede Kamer Ingrid van Engelshoven en Vera Bergkamp rollen. De grote stoet vergezellen de kandidaten door de Javastraat naar de Dappermarkt.

Het is het einde van de middag. Iedereen wordt overdondert door de grote stoet. Er zijn minder mensen op de markt dan campagnevoerders. Wij staan met onze flyers maar een beetje mee te lachen als de kandidaten in gesprek zijn met de kiezer. De marktkooplui ruimen hun kraampjes al op. Wij gaan richting de Meevaart. Hier houden verschillende mensen hun pitches waar Vera en Ingrid naar luisteren. Heel verrassend voor mij was dat Thiandi een pitch hield over inclusief onderwijs.

Thiandi is een bijzonder persoon die ik ongeveer vijf jaar geleden heb leren kennen bij een evenement over inclusiviteit georganiseerd door de Vrije Universiteit. Hier vertelde ze voornamelijk haar levensverhaal en promoten haar boek “Doe Normaal”. Ondanks dat ze continu geluiden maakt en niet rustig haar verhaal kan vertellen is ze wel slim en afgestuurd. In Nederland kreeg ze niet de mogelijkheid om het onderwijs te volgen die ze aan kon. Dus koos ze voor Italië, waar ze dat wel kon krijgen. Nu hield ze een pitch voor de twee dames van D66 waarin ze vertelde dat het onderwijs in Nederland nog steeds niet inclusief genoeg is.

D66 is voor kansen voor iedereen en goed onderwijs. Ik denk dat deze twee dames er echt voor staan om onderwijs echt inclusief te maken. Maar om dit werkelijkheid te maken heb je een lange adem nodig. Veel mensen in onze samenleving hebben weinig te maken met iemand met een beperking en weten daardoor niet wat het betekent om een beperking te hebben en wat daarbij komt kijken. Ik ben er dan ook van overtuigt dat mensen met een beperking zich mogen laten zien in de samenleving. Als je dat doet worden mensen er bewuster van en begrijpen beter wat het betekent. Dan kan er verandering komen. Met het onderteken van het VN-verdrag zijn we pas aan het begin.

Vandaag was ik weer vroeg bij het Amstelstation om kiezers nog op het laatste moment te overtuigen voor goed werk, goede zorg en goed onderwijs. Na ’s ochtend nog even een koffie te hebben genomen is het alleen nog maar met een lach een flyer in de hand drukken. Vertellen dat je vooral moet stemmen. Vanmiddag ga ik ook nog even naar het Amstelstation. De meeste mensen zullen hun stem dan al hebben uitgebracht. Maar al is het alleen maar om nog zichtbaar op straat te zijn. Eén ding is duidelijk de afgelopen twee maanden was D66 Amsterdam-Oost aanwezig.

Dan volgt als laatst hopelijk nog een feestje. Het zal nog lang onrustig zijn in P96 op de Prinsengracht. Morgenochtend zal ik weer met kleine oogjes aanwezig zijn op mijn werk. Maar dat maakt niet. Dat is het waard. Ik heb mijn burgerplicht gedaan. Ik stem vandaag D66. Nu maar afwachten.

Goede gesprekken en Bumba kijken

Het is nog vier zaterdagen voor de verkiezingen. Het is mooi weer om in gesprek te gaan met de mensen uit mijn buurt. Ik woon niet ver van Bar Botanique. Niet lang geleden zat hier nog De Ponteneur, bekend van de film Mannenharten. Een paar jaar geleden heb ik daar nog een diner gehad voor 2e Kerstdag met mijn broertje en zijn vriendin. Het was er krap en eigenlijk niet echt toegankelijk voor iemand met een rolstoel. Maar de eigenaar wilde er alles doen om ervoor te zorgen dat ik binnen kon komen. De nieuwe eigenaar heeft het pand helemaal verbouwd. Het is juist veel ruimer geworden.

Afgelopen zomer was ik er een keer met een vriendin die ook rolstoelgebonden is. Echt happig waren ze niet om ons welkom te heten. We zochten maar een ander plek op de Linnaeusstraat. De ervaring op deze zaterdag was kort, maar de serveerster was mij eerder arm dan rijk.

Gelukkig gingen we snel de straat op. We waren nog niet de hoek om of we werden bijna aangereden door een toeterend busje. Het was het campagneteam van Forum voor Democratie (FvD). Plagerig zeiden ze dat ze echt een referendum wil brengen wat wij jaren zouden beloven. Ik kreeg een beetje het gevoel als bij Anchorman waarbij de nieuwspresentatoren van verschillende zenders met elkaar op de vuist gaan. Maar het was alleen maar gein wat het campagneteam van FvD liet zien.

We gingen verder naar de Dappermarkt. Op het kruispunt met McDonald’s en KFC begonnen we met de gesprekken met de kiezers. Alhoewel, gesprekken. Het was een georganiseerde In Gesprek Met, maar het weer was er niet naar. De meeste kiezers accepteerden wel de flyer, maar ze wilden liever doorlopen dan met je praten.

Een mevrouw in een scootmobiel stond wel even stil. Zij maakte zich vooral zorgen over de verharding van de samenleving waar niet iedereen geaccepteerd wordt. Wat nu gebeurt in Amerika en wat je krijgt als Wilders het voor het zeggen heeft in Nederland. Haar kon ik overtuigen dat D66 het tegenovergestelde wilt.

De koud sloeg op mijn blaas. Ik ging de McDonald’s in en daarna de KFC, maar geen van beiden hadden een invalide toilet. Het VN-verdrag voor rechten voor gehandicapten moet nog doordrongen worden in Nederland. Dan maar terug naar huis. Tegen de tijd dat ik weer op de Dappermarkt was ging het campagneteam al bijna naar De Biertuin om het afsluitende drankje te houden.

Bij De Biertuin zat ik na te genieten van de dag met een IJbiertje in de hand. Ik kwam er achter dat andere campagnevoerders wel gesprekken hadden met de kiezers. Zo kon Rigtje een vastgeroeste PVV-stemmer overtuigen waarom er langer doorgewerkt moet worden. Al was hij niet blij, want hij wilde zijn bootje opknappen. Uiteindelijk leverde de dag toch mooie gesprekken op die D66 weer kan gebruiken voor hun site In Gesprek Met. Gesprekken die ik kon vertellen aan mijn ouders, want die stonden voor mijn deur met mijn nichtje Faye. Gesprekken die nog niet bedoeld waren voor haar. Zij had meer aandacht voor Bumba op de televisie. Wat een mooie manier om de dag af te sluiten.

Een mooi land als Nederland verdient goede zorg

Het is een donderdagavond en ik kom terug van een werkdag in Zeist. Na dat ik meer weet over het duurzaam beleggen, wat het pensioenfonds voor mensen in de zorg doet, houdt het ’s avonds niet op. In buurthuis Archipel organiseert D66 een thema-avond over laagdrempelige zorg en de diversiteit die daarbij hoort.

Terwijl ik vlakbij het buurthuis woon ben ik er nog nooit geweest. Misschien komt dat door het beeld wat ik heb bij buurthuizen. Als ik rond half 8 binnen kom is het nog vrij rustig. Ik word vriendelijk uit mijn jas geholpen. Na dat mij een koffie is aangeboden zoek ik een plekje in het publiek. Zoals ik van D66’ers gewend ben druipen ze rustig binnen. Zelfs een kwartier na de afgesproken tijd. Maar dat geeft ook een ontspannen sfeer.

Het is toch tijd om de avond af te trappen. Salima Belhaj, Tweede Kamerlid, opent de avond. Ze geeft het woord aan Raisa Hehenkamp. Raisa is politicoloog en houdt zich bezig met diversiteit in de zorg. Heel belangrijk hierbij is dat Nederland, en zeker Amsterdam, veel verschillende culturen kent. Maar daarnaast zijn er nog talloze verschillen. Zoals seksuele voorkeuren of sociale achtergrond. Eigenlijk is elk persoon wel verschillend. Zo kennen we dus ruim 17 miljoen diversiteiten in Nederland. En iedereen heeft in zijn leven wel een keer zorg nodig. Dus zijn er 17 miljoen verschillende zorgvragen. We zouden eigenlijk meer moeten kijken naar deze zorgvragen en daar het zorgaanbod op aanpassen. Nu is het vaak andersom.

Astrid Wenneker is steunfractielid in Doetinchem en heeft een bedrijfje dat thuiszorg levert voor oudere mensen. Zij vertelt dat ze rekening houdt met de diversiteit van haar klanten. Zo neemt zij vooral 50-plussers aan omdat deze mensen meer raakvlakken hebben met haar klanten. Haar klanten kunnen hierdoor onder andere het Doetinchemse dialect blijven spreken. Een ander voorbeeld is een Surinaamse mevrouw met dementie dat verzorgt wordt door een Surinaamse. Als je lijdt aan dementie keer je vaak terug naar je kinderjaren. Deze verzorgster zorgde ervoor dat ze liedjes uit de jeugd van mevrouw zong waardoor ze weer opbloeide.

Maar hoe graag wij ook willen dat het zorgaanbod zich aanpast aan de zorgvraag. Het is moeilijk om dat ook werkelijk te realiseren. Zo heeft zorginstelling Cordaan een veel groter aantal klanten dan het bedrijfje van Astrid Wenneker. Om aan ieder zorgvraag te voldoen is dan moeilijk. Daarom ontwikkelt Cordaan samen met Philips een techniek om de klanten te volgen wat hij/zij doet de hele dag vertelt Eelco Damen, CEO van Cordaan. Met deze data kan je de behoefte van de klanten vastleggen. Een moeilijke vraag hierbij is: hoe waarborg je de privacy? Maar het is wel de toekomst dat we deze technieken gaan gebruiken.

De avond werd afgesloten door schrijfster Ronit Palache. Zij sloot af met een mooi verhaal over haar oma. Een verzorgster zag het als handig dat haar telefoonnummer getatoeëerd was op haar arm. Niet wetend dat het om een identificatienummer ging die ze kreeg in het concentratiekamp. Een pijnlijke situatie dat haar oma goed oppakte. Daarom is het zo belangrijk om er hard voor te zorgen dat het zorgaanbod zich aanpast aan de zorgvraag. Nederland is namelijk een mooi land. Iedereen verdient hier een waardig en mooi leven tot het eind. Hier moet wij voor knokken. Al kost het vele jaren.

Een week aandacht voor toegankelijkheid is niet genoeg!

wandelingtoegankelijkheid

Misschien is het je niet opgevallen, maar van 3 t/m 8 oktober was het de Week van de Toegankelijkheid. Reden voor mij om dit op een bepaalde manier onder de aandacht te brengen. Op 7 oktober reed ik richting de Stopera. Daar wachten een aantal fractieleden van D66 uit de gemeenteraad en Tweede Kamerlid Vera Bergkamp op mij. Zij wilden deze week ook onder de aandacht brengen en laten zien hoe belangrijk toegankelijkheid is om iedereen mee te laten participeren in deze samenleving.

Het is altijd een mooi ritje vanaf waar ik woon naar de Stopera. Je gaat via de Plantage Middenlaan langs Artis. Door deze prachtige klassieke dierentuin is het één van de groenste lanen dat Amsterdam rijk is. Eenmaal aangekomen bij de Stopera heb ik mij nog niet eens aangemeld bij de receptie of Christaan van Cliëntenbelang meld zich ook aan. Niet veel later komt Jan-Bert en we hoeven bijna niets meer te zeggen. We worden meegenomen naar de fractiekamer van D66. Toen we in de kamer kwamen was iedereen al aanwezig. Alleen stadsdeelvoorzitter van het Centrum, Boudewijn Oranje, kwam iets later binnen. We deden een voorstelrondje. Iedereen gaf aan op wat voor een manier zij bezig zijn met de toegankelijkheid te verbeteren.

Na het voorstelrondje gingen we over naar wat voor een obstakels in de openbare ruimte nu echt het belangrijkste zijn om aan te pakken. Vera Bergkamp trapte af met de toegankelijkheid van de metrohaltes. Amsterdam ligt al een tijdje open en er wordt flink aan de Noord- / Zuidlijn gewerkt. Hierdoor kun je op het moment niet gebruik maken van de lift bij de metrohalte op het Waterloopplein vlakbij de Stopera. Een ander punt die besproken werd is het uitbreiden van terrassen van restaurant- en café-eigenaren. Hierdoor is er veel te weinig ruimte op de stoep. Ook bloembakken van bewoners zorgen voor te smalle stoepen. Maar ook te smalle stoepen op zich en te steile hellingen passeerden de revue.

Nu was het tijd voor de wandeling. Bij een zebrapad kwam er al een punt naar voren. De drukknop om aan te geven dat je wil oversteken zat te hoog. Daarnaast was de tussenstoep bij het zebrapad erg smal. Na het oversteken wilde Christiaan het gebouw van Academie van Bouwkunst ingaan. Terwijl ze hier studeren om architect te worden is het gebouw een voorbeeld van ontoegankelijkheid. Op de begane grond is het nog toegankelijk en heeft het zelfs een invalide toilet. Maar dan is er verderop toch een trede om verder te komen. Ook de hogere verdiepingen kun je alleen bereiken via een trap.

Na het bezoeken van de Academie gaat de wandeling weer verder buiten. We maakten een wandeling rondom de Stopera. Alle punten die we in de fractiekamer bespraken kwamen we tegen. Een parkje dat alleen via traptreden te bereiken was. Bij metrohalte Weesperplein was een voorbeeld van een hele smalle stoep waardoor je wel verplicht was de weg op te gaan. Daarnaast ging de weg ook nog eens heel steil onder een brug door. We liepen weer terug richting de Stopera. Daar kwamen we ook een voorbeeld tegen waarbij een bloembak midden op de stoep is gezet. De bewoner zorgt hierdoor er ook nog eens voor dat hij/zij zijn eigen voortuintje creëert door de ruimte tussen zijn woning en de bloembak. Dit is zelfs eigenlijk helemaal niet zijn eigendom, maar officieel openbare ruimte.

Wanneer we teruggekeerd waren bij de Stopera maakte Vera Bergkamp nog een filmpje om de Week van de Toegankelijkheid onder de aandacht te brengen van D66. Na dit filmpje ging iedereen weer zijn eigen weg. Ik nam weer de groene weg via Plantage Middenlaan. Een mooie afsluiting om aandacht te geven aan toegankelijkheid. De wandeling had ook al meteen effect. Raadsleden Jan-Bert Vroege en Meltem Kaya hebben een motie ingediend waardoor Amsterdammers strenger beboet kunnen worden door zomaar je fiets ergens neer te zetten. Hierdoor komen we vaak niet ergens langs. Maar dit is de eerste stap en er moeten nog vele stappen volgen.

 

Op een toegankelijk 2015!

13191733415_5c68050798_z

Al iets meer dan een half jaar zoek ik mijn weg naar Sloterdijk voor mijn werk. Toen ik net bij Telfort begon schreef ik al een stukje over de obstakels tijdens het reizen naar mijn werk met het openbaar vervoer. Dit is onder ogen gekomen bij Laura Steur accountmanager bij het GVB. Zij hebben mij uitgenodigd om te spreken over deze obstakels. Dit is natuurlijk een hele mooie gelegenheid om de knelpunten tijdens het reizen met een beperking kenbaar te maken aan het vervoersbedrijf. Aan het einde van november was dan ook werkelijk het gesprek met Laura Steur en Inge Vermeulen, directeur Operatie.

Op deze woensdagmiddag vertrok ik eerder van mijn werk om de weg te vinden naar de Arlandaweg. Het grappige is dat ik, bij vertrekken uit het KPN-gebouw, meteen de goede kant op reed. Toch ik zag nergens het naambordje. Daardoor kwam ik iets verder op terecht bij Station Sloterdijk. Daar wat rondgehangen en zoekend kwam ik er uiteindelijk weer. Het was heel vreemd dat ik er voorbij reed, want GVB stond groot op de gevel. Daar aangekomen dacht ik dat ik een pijl zag dat de ingang voor mindervaliden aan de achterkant was. Maar de portier rende al achter mij aan en ik kon wel gewoon via de voorkant erin. Door dit gedoe was ik al een beetje laat. De assistente van Inge Vermeulen leiden mij naar de kamer waar ik het gesprek zou hebben.

Ik kreeg het gevoel dat het beetje later komen niet zo erg was. Na dat koffie werd aangeboden en een lekkere koek gingen we van start. Ik vertelde over mijn ervaring van afgelopen zomer. Dat het voor de buschauffeurs niet duidelijk is of ik met mijn elektrische rolstoel de bus mag nemen. Dat de buschauffeurs, die rijden in oudere bussen, niet weten dat of hoe ze de plank uit moeten leggen. En zelfs het verhaal dat een chauffeur mij erop wees dat ervoor mensen zoals ik er gewoon rolstoeltaxi’s zijn. Ook vertelde ik over eerdere ervaringen met de tram. Dit ging meestal wel goed. Maar ik heb ook gehad dat er gevraagd werd of ik natte of droge accu’s had. Rolstoelen met natte accu’s mogen namelijk niet mee met de tram. Of ik werd geweigerd omdat ze er al vanuit gingen dat mijn rolstoel natte accu’s heeft. Maar rolstoelen met natte accu’s worden al zo’n twintig jaar niet meer gemaakt. Daarnaast vertelde ik dat ik vrienden heb die sowieso niet met de tram durven, omdat ze bang zijn dat ze er niet meer uitkomen. Daar schrokken Inge en Laura wel van. Ze bevestigden namelijk dat het openbaar vervoer van het GVB voor iedereen toegankelijk moet zijn.

Daarna ging ik op pad met Inge om te laten zien welke obstakels ik tegen kom tijdens het reizen. We namen de bus die ik van de zomer ook nam toen de metro maar tot Station Zuid reed. Je zal dan net zien dat deze keer alles wel goed liep. Het was een oude bus waarbij de plank met de hand opengeklapt moet worden. De buschauffeur was vriendelijk en hielp mij goed. We namen de bus tot het Azartplein, redelijk vlakbij mijn huis. Daar namen we nog een stukje de tram om te laten zien hoe dat gaat. Terwijl dat meestal goed gaat werd ik hier juist geweigerd. De conducteur dacht dat mijn rolstoel een scootmobiel was. Toen ik wilde uitleggen dat ik in een elektrische rolstoel zat en niet in een scootmobiel kwam Inge al tussenbeide.

Dit is namelijk ook waar het GVB het meeste aan kan veranderen. De buschauffeurs, conducteurs en trambestuurders bewust maken van de regels. Op het Azartplein zag Inge namelijk ook de tramhalte die de andere kant op ging. Deze had een te smalle stoep om werkelijk op te komen met je rolstoel en de abri stond ook nog eens in de weg. Deze halte was dus totaal niet geschikt om te op te stappen met een rolstoel. Maar de gemeente is weer verantwoordelijk voor de toegankelijkheid van de tram- en bushaltes.

Uiteindelijk is het hartstikke mooi dat ik op gesprek mocht komen bij Inge Vermeulen en Laura Steur. Zij benadrukken dat het GVB toegankelijk moet zijn voor iedereen. Het is daarom goed dat buschauffeurs en trambestuurders bewuster worden van wie wel en niet mee mogen met bus of tram. Nu moet de gemeente nog het GVB helpen en de tram- en bushaltes toegankelijk te maken. Zeker als straks Agenda 22 wordt geratificeerd. We zullen zien wat de toekomst brengt. Voor nu een gelukkig en toegankelijk 2015!

Een toegankelijke zomerdag in de stad

zomerwandelingmarnix

Het is zomer in de stad. Joe Cocker kan daar mooi over zingen, maar de hitte waar hij over zingt is ver te zoeken in Amsterdam. Misschien de juiste tijd om een mooie zomerwandeling te maken in het centrum. Georganiseerd door D66 gaan een groep mensen wandelend door de straten om te zien hoe toegankelijk het is.

De start van deze wandeling was bij de Stopera. Er zijn daar al enige tijd werkzaamheden, waardoor je al meteen obstakels hebt. Maar de plek waar we hadden afgesproken, vlakbij restaurant Amstelhoeck, was goed bereikbaar. Toen we de eerste stoep af moesten zagen we al meteen hoe ontoegankelijk het kan zijn. De scootmobiel en ik in mijn rolstoel konden geen verlaagde stoeprand vinden. Dan moet je heel langzaam van een verhoogde stoeprand af zodat de klap niet te groot is. Er volgde een brug waar je aan de ene kant wel op kan, maar aan de andere kant waren trappen. Daarnaast zijn er stoepranden die wel verlaagd zijn en bedoeld zijn om de stoep af kunnen gaan met rolstoel of scootmobiel, maar die te stel zijn gemaakt. Hierdoor ga je nog steeds met een klap te stoep af en je zou kunnen kieperen met je rolstoel of scootmobiel als je de stoep op wil.

Elk punt met enige obstakels kreeg intensieve aandacht. En dat is goed. Naar mijn mening moet iedereen gelijkwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen. Ook mensen met een functiebeperking. De Verenigde Naties deelt deze mening en heeft al in 2006 een verdrag opgesteld met regels om dit doel te bereiken. Dit verdrag heeft de naam Agenda 22, omdat het 22 regels heeft. Nederland heeft dit verdrag ondertekend en volgend jaar wil Nederland het verdrag ratificeren. Daarom is deze intensieve aandacht erg belangrijk. Om aan het verdrag te voldoen moeten, zeker in het centrum van Amsterdam, nog veel plekken toegankelijker.

Het gevolg van de intensieve aandacht was wel dat de wandeling ontzettend werd ingekort. Uiteindelijk kwamen we maar tot de Nieuwmarkt. Wat echt vanaf de Stopera een heel klein stukje is. Maar dit was niet erg. Er waren namelijk genoeg punten waarmee kon worden aangetoond met wat voor een obstakels mensen met een beperking te maken heeft. Hopelijk nemen de raadsleden die meeliepen dit mee. Het was ook leuk om te zien dat redelijke wat mensen die meeliepen nooit beseften dat sommige punten een obstakel kunnen zijn. Dit helpt bij de bewustwording van dit probleem.

Terwijl organisator Alexander Hammelburg naar een volgende afspraak ging op het Leidseplein, ging de rest van de groep nog een na-borrel doen bij een bijzondere plek. We namen namelijk een biertje bij Brouwerij De Prael. Hier werken mensen die moeite hebben om een reguliere baan te vinden en daardoor een afstand hebben op de arbeidsmarkt. Dit was een mooie afsluiting van een inspirerende wandeling. Het heeft ook de ogen van sommige mensen geopend en daarom was het resultaat goed. Kortom, een mooie, nuttige zomerdag. Al was die niet zo heet als in het liedje van Joe Cocker.

Speciale dank wil ik geven aan Ronald Blonk en Caroll Sastro van Platform Gehandicapten Zuidoost. Ronald’s foto heb ik gebruikt en samen met hun kon ik de obstakels tonen.

Veel te doen. Dus alles goed met mij

DSC00274

Eigenlijk is het wel grappig hoe vaak ik een blog begin met ‘het is alweer een tijdje geleden dat ik op deze blog geschreven heb’. Toen ik twee jaar geleden begon met deze blog had ik toch als doel met regelmaat te schrijven.  Ik had één keer in de twee weken de rubriek “Uitpakken”. Het laatste stukje hierover is ook al lang geleden. Soms denk ik moet ik mij schamen dat ik zolang niets van mij laat horen op mijn blog. Maar aan de ander kant betekent het dat het goed met mij gaat. Twee jaar geleden had ik geen baan en dus tijd voor mijn blog. Nu heb ik voor de tweede keer een contractverlenging gekregen bij Philips en zit ik in het campagneteam voor D66 voor Amsterdam-Oost.

Voor mij gaat het dus goed als ik veel te doen heb. En dat heb ik. Ik maak volle werkdagen bij Philips en ben betrokken bij de campagne waar ik in de avonduren tijd voor moet maken. Hartstikke spannend nog steeds. Worden wij eindelijk groter dan PvdA in Amsterdam? Het geeft zo’n lekker gevoel om je tijd goed te gebruiken en dat je merkt dat collega’s of andere mensen waarmee je samenwerkt jouw bijdrage waarderen. Maar om weer met goede moed je nieuwe werkperiode in te gaan is het goed om even vakantie te hebben. Dat had ik de laatste twee weken van augustus.

 Het zouden eigenlijk de laatste twee weken zijn geweest van mijn contract bij Philips, daarom had ik ook de weken opgenomen omdat ik die nog had. Het enige verschil is nu dat ze nog niet van mij af zijn bij Philips. In eerste instantie wilde ik de twee weken al gaan gebruiken voor een zoektocht naar een nieuwe baan. Maar nu dat niet hoefde dacht ik dan mag ik ook wat ontspannen (als een spast dat al kan). En ontspannen? Ik koos ervoor om een weer een week te zeilen op de Kaag. Daar kom je vermoeider van terug dan dat je er heen ging. Maar het blijft altijd een topweek bij ’t Vossenhol!

Het gene waar ik niets aan kon doen was dat de zeilweek de tweede week was. Als het andersom was kon ik nog een weekje uitrusten. Maar na weer een week werken zit ik er al weer helemaal in. Het gaf minder problemen dan ik dacht.  En wat was het weer klassiek gezellig in de hol van de vos. Er was weer genoeg koffie voor René, de vrijwilligers stonden ’s avonds weer aan de oude jenever (al was dit jaar een Pietje niet genoeg en moest onze premier dit jaar de jenever leveren) en Feike begon mij weer traditioneel te ondervragen wie ik de mooiste vrijwilligster vond.

Het zeilen was wel weer even wennen. Ik had er dit jaar ook niet voor gekozen om bij Sailability te zeilen op de Nieuwe Meer. Ik moest weer even de windroos in mijn hoofd stampen. Maar ik moet zeggen dat ik maar één middag echt serieus met dat bezig was, voor de rest was het ook vakantie voor mij en genoot ik van op het water te zijn.  Lekker genieten van een goudgele rakker ’s avonds met lekkere hapjes en dan naar bed gaan waar ik op de ritme van gesnurk in slaap probeer te komen.

Wat je ook kan zeggen over ’t Vossenhol. De vrijwilligers proberen er altijd een topweek van te maken voor de gasten. En ik kan alleen maar zeggen dat is dit jaar weer gelukt. En ik moet zeggen op het water kom ik ook tot rust. Ik heb weer genoeg energie gekregen om Philips in februari te bewijzen dat ze nog voorlopig niet van mij af zijn en genoeg energie om mee te helpen dat D66 volgend jaar de grootste partij wordt van de mooiste stad van Nederland. Ik heb veel te doen dus het gaat goed.