Gegroeid naar een echte supporter

Het seizoen is alweer een tijdje afgelopen. Het volgende voetbalseizoen gaat weer bijna beginnen. Ik woon nu al bijna een decennium in onze hoofdstad Amsterdam. En in die tijd ben ik echt een Amsterdammer geworden. Al vanaf jongs af aan ben ik ook een groot Ajax-fan. En sinds ik in Amsterdam woon is die liefde alleen maar groter geworden. Het eerste volle seizoen dat ik in deze stad meemaakte, 2010 – 2011, was dan ook een groot succes. Na jaren geen landskampioen te zijn geweest was het weer eens zo ver. Halverwege dat seizoen kwam Frank de Boer aan het roer bij Ajax en we stonden op dat moment een straatlengte achter op concurrent PSV. Maar tijdens de laatste speelronde werden we toch kampioen.

Succesvolle seizoenen

De drie seizoenen daarna kenden we het zelfde succes. En ik kon het allemaal meebeleven in de mooiste stad op aarde. Ik ging niet meer met de auto naar de Arena, maar nam elke wedstrijd de metro. En dat is een beleving. De sfeer zit er al aardig goed in bij de supporters die de metro nemen. Soms een beetje te goed. Dan hebben ze al het één en ander gedronken in de stad. Maar voor mij is de metro echt een uitkomst. Je bent zo in de Arena. Je hoeft de auto niet meer kwijt onder de Arena. En als je de metro neemt met een rolstoel maken de medereizigers altijd ruimte in de metro.

In Caddy naar Rotterdam

Nu ik bijna een decennium in Amsterdam woon maak ik voor het eerst een reis naar Rotterdam. Voor de bekerfinale tegen Willem II. Met een groep vrienden rijden we in de Caddy naar De Kuip. Omdat ik rolstoelgebonden ben hoef ik niet met zo’n combiregeling met bus of trein. Wanneer wij De Kuip naderen kunnen wij met het tonen van mijn Gehandicaptenparkeerkaart parkeren op een parkeerplaats super dichtbij het stadion. We zijn ruimschoots op tijd en nemen eerst nog even een patatje. De ingang die ik moet nemen is ook super dichtbij. Als ik met mijn vriend, Jeroen, naar binnen ga worden we eerst geleidt naar het platform waar de Willem II-supporters opstaan met een beperking. Daarna helpt een steward ons naar het platform achter het doel waar wij mogen staan. Het is erg dicht achter het doel en het doet mij denken aan mijn eerste wedstrijd in De Meer.

Liederen en spandoeken

De clubliederen worden gespeeld van beide clubs, Willem II en Ajax. Bij Ajax zijn dat meerdere liederen. Van de Ajax-marsch tot ‘Dit is mijn club’. Bij Willem II is dat maar één nummer. Zo vaak hebben zij ook niet de kans om iets te winnen. Daarna lieten beide supporters hun spandoeken zien. Dit zijn hele grote doeken en er zit altijd heel veel werk in. Ik vond dit keer de doek van Willem II veel indrukwekkender. Het shirt van Willem II, wat ik een ontzettend mooi shirt vind, was heel groot weergegeven op het doek.

Gespannen gezichten

Voor Willem II is deze finale nog bijzonderder. Zij staan niet zo vaak in een finale. Je ziet het ook aan de gespannen gezichten van de supporters die ik langs zag komen buiten het stadion. De wedstrijd begint. Beide teams beginnen wat aftastend. Maar de supporters, zowel van Ajax als Willem II, niet. Terwijl de wedstrijd meer dan een half uur eigenlijk geen goed voetbal is, steken een aantal supporters van Ajax fakkels aan. Ik vraag mij af hoe ze die naar binnen hebben gekregen. Aan het einde van de eerste helft is er toch een corner voor Ajax en Tadic geeft een mooie pass aan Blind die tegendraads in kan koppen. De bal gaat wel via de keeper. De ban is dan gebroken. Twee minuten later kan Huntelaar alweer scoren door een hele mooie opgebouwde aanval.

Opperbeste stemming

Tijdens de rust blijkt het vrij druk te zijn bij de drankjes. Gelukkig heeft Jeroen voor de rust al wat drankjes voor ons geregeld. De Ajax-fans zijn tijdens de rust natuurlijk in opperbeste stemming. Met de stewards, die komen van de Arena, bespreek ik nog de doelpunten. Omdat een 0-2 voorsprong al redelijk is begint Ajax relatief rustig aan de tweede helft. Pas rond de 65ste minuut komt het derde doelpunt. Huntelaar kan zijn tweede maken van de middag. Hij schiet de bal in een leeg goal omdat Willem II helemaal wordt weggespeeld. Wat is die ‘oude’ Huntelaar nog goed. Ik dacht dat hij het niet meer in zich had na zijn laatste jaren bij Schalke 04, maar bij Ajax is hij weer helemaal opgebloeid. In de 75ste minuut kan Kristensen nog de vierde maken. Hij scoort niet zo vaak. Zijn schot wordt nog aangeraakt door de keeper, maar hij kan het doelpunt niet voorkomen. Aan het einde van de wedstrijd laten de Ajax-supporters nog hun ruggen zien aan de overkant en zitten ze te springen.

Afsluiten met burger

We bekijken nog hoe Tomas Galasek de KNVB-beker aan De Ligt overhandigt. Nadat we even gezien hebben hoe de Ajacieden de beker hebben ontvangen verlaten we toch vrij snel het stadion. We pakken op de snelweg richting Amsterdam nog een Burger King. Een welverdiende snack. Daarna gaan we toch echt richting huis. Als ik thuis word afgezet ben ik moe, maar wel bevredigend.

De Noord / Zuidlijn op de proef

Vanaf 22 juli rijdt eindelijk de Noord / Zuidlijn. Het heeft heel lang geduurd voordat de Noord / Zuidlijn in gebruik genomen kon worden. Toen ik in 2003 begon aan mijn HBO-opleiding was één van mijn eerste vakken Ontsluiting. Het onderwerp wat wij moesten ontsluiten ging over de Noord / Zuidlijn. Hieraan kan je al zien hoe lang het geduurd heeft.

Een toegankelijke lijn

Terwijl iedereen genoten heeft van een heerlijke vakantie afgelopen zomer heb ik de zomer door gewerkt. Ik heb een weekje vrij genomen in september, maar ik ben in de mooiste stad op deze aardbol gebleven. Deze week heb ik gebruikt om de Noord / Zuidlijn als rolstoelgebruiker uit te proberen.

Een Russisch kunstpaar

Het was woensdagochtend rond een uur of elf. Mijn ouders kwamen naar mij toe en namen hun Russische vrienden mee. Dit Russische paar waren kunstenaars uit St. Petersburg. Eerder waren ze bij mijn tante in Domburg. Zowel mijn tante als mijn moeder hebben een kunstachtergrond. Mijn tante heeft haar eigen museum in Domburg en mijn moeder is op latere leeftijd nog afgestudeerd aan de kunstacademie. In Rusland krijgt het paar niet zoveel opdrachten dus zijn ze een redelijk deel van het jaar in Europa. Zowel in Domburg als bij mijn ouders heeft vooral de man veel geschilderd. In ieder geval ging het paar mee naar Amsterdam. Na een koffie gingen zij hun weg.

Op pad met de metro

Mijn ouders en ik namen bij Rietlandpark de tram naar Centraal Station. Daar namen we de lift een flink stuk naar benden om lijn 52 te nemen, de Noord / Zuidlijn. We gingen eerst maar naar Noord. Er zijn tussen Centraal en Noord maar twee metrohaltes, Noorderpark en Noord. Je bent vrij snel in Noord. De raarste gedachten tussen Centraal en Noorderpark is dat je zo diep ’t IJ onder gaat. We stapten uit op Noord. Daar moet nog veel komen. Er staat een winkelcentrum, maar daar zitten nog weinig winkels in. En natuurlijk is daar ook het stadsdeelkantoor van Noord. Ik moet mijn collega’s daar nog steeds bezoeken. Omdat er voor de rest daar (nog) niet zoveel te beleven is namen we metro maar naar Zuid.

De Gordon Gekko’s van Amsterdam

Het mooie is dat je binnen twintig minuten in Zuid bent vanaf Noord. Wat best snel is. In Zuid zitten natuurlijk de zakenmensen van de Zuidas. Het is een doordeweekse dag. Dus iedereen is bezig met hun werk. Dat merk je heel erg bij dit station. De Zuidas is erg gericht op de werkende vrouw en man. De mensen lijken geen aandacht te hebben voor een ander. Het is hier net de Wall Street van Amsterdam. Ik krijg hier altijd het beeld van Gordon Gekko. Juist een plek om goed te kunnen lunchen.

Archeologische vondsten

Metrostation Rokin zou heel bijzonder moeten zijn. Onder de grond was hier namelijk archeologische vondsten gevonden en een deel zijn te bezichtigen in de muren van dit station. Maar het bleek dat de lift naar de Noord / Zuidlijn stuk was, dus we moesten lijn 51 nemen. Toen we eenmaal bij de Weesperplein waren besloten we toch maar naar huis te gaan. Halverwege deze maand heb ik voor de tweede keer de Noord / Zuidlijn genomen. Het was naar het stadsdeelkantoor van Zuid. Deze keer had ik geen problemen met de lift. Het was voor mijn werk, dus ik had geen tijd om station Rokin te bezoeken. Dat wordt nu een goede voornemen voor 2019. Naast het bekijken of alle stations goed toegankelijk zijn. Hierbij wens ik jullie allemaal dan ook een gezond 2019!

De stad waar alles kan

De feestmaand is net begonnen. En voor mij zal het echt een feestmaand worden. Na drie maanden werkloos te zijn geweest heb ik weer een baan. Het meest ideale is dat ik iets meer dan twee kilometer woon van mijn werkplek. Ik zal elke dag reizen naar de Weesperstraat. Daar ga ik werken voor het communicatiebureau van de gemeente als webredacteur voor de pagina’s van de stadsdelen.

Reizen is omslachtig voor mij
Het afgelopen jaar had ik banen in respectievelijk Zeist en Heemstede. Alhoewel Heemstede niet zo ontzettend ver van Amsterdam ligt was het wel omslachtig om er te komen. De vorige jaren had ik met Philips en Telfort ontzettend veel geluk dat ik woonde en werkte in de zelfde stad. En dat wilde ik ook weer het liefst na mijn ervaringen van werken in Zeist en Heemstede. En nu mag ik dan weer wonen en werken in deze prachtige stad. Ik ga zelfs voor de stad werken.

Grote stad is één grote ontdekking
Ik krijg bij Amsterdam altijd het gevoel als de series en films die zich afspelen in New York. Je woont en leeft in één stad. Iets anders ken je niet. Je zoekt je weg via het openbaar vervoer zoals de metro. Ik kijk tijdens dat reizen ongelofelijk veel naar andere mensen en vind de verscheidenheid leuk. Alhoewel ik in Heemstede ben opgegroeid voel ik mij steeds meer Amsterdammer. Ik vind het heerlijk om rond te struinen in deze stad en maanden niet over de stadsgrenzen te komen. Misschien is dat een vorm van arrogantie. Maar dan wordt dat maar zo gezien. Ik wil werken en wonen in een stad die bruist.

Leven naast elkaar
In een stad als Amsterdam wonen zoveel mensen dat je heel erg naast elkaar leeft. Zo woon ik vlakbij de Indische Buurt. Hier wonen ongelofelijk veel nationaliteiten en culturen naast elkaar. Toch trek ik meer op met mensen met mijn achtergrond.
Misschien is dat niet erg, maar ik kwam er laatst wel achter dat ik niet eens weet wat er speelt bij mensen met een andere achtergrond. Zo zat ik laatst in een bus met een chauffeur met een islamitische achtergrond. Ik vertelde dat ik naar de doop van mijn nichtjes ging. Hij wist niet wat een doop was. Na dat ik het uitlegde wat het was kwam een heel verhaal over hoe de wereld was ontstaan volgens ‘zijn boek’ de koran. Toen ik vertelde dat ik zelf atheïstisch was begreep hij er al helemaal niets meer van. De hele rit bleef hij mij ervan overtuigen dat wat in ‘zijn boek’ stond het juiste was.

Inleven in een ander
Misschien is het toch goed om elkaar beter te begrijpen. De komende tijd stel ik het doel om mij in te leven in andere mensen. Al is dat heel moeilijk omdat je altijd je eigen mening vormt. Tijdens mijn studie heb ik ook geleerd dat objectiviteit niet bestaat. Zelfs het journaal is niet 100% objectief. Maar je kunt altijd proberen om je in te leven in een ander. Zo wil ik de komende tijd de bijbel en de koran gaan lezen. Al heb ik een versie van Kader Abdolah en weet ik niet helemaal precies of dat het zelfde is. Dit is misschien een goede eerste stap om een ander te begrijpen. Uiteindelijk is de stad van elke Amsterdammer en elke Amsterdammer moet zijn of haar weg vinden op de site van deze prachtige stad.

Op een toegankelijk 2015!

13191733415_5c68050798_z

Al iets meer dan een half jaar zoek ik mijn weg naar Sloterdijk voor mijn werk. Toen ik net bij Telfort begon schreef ik al een stukje over de obstakels tijdens het reizen naar mijn werk met het openbaar vervoer. Dit is onder ogen gekomen bij Laura Steur accountmanager bij het GVB. Zij hebben mij uitgenodigd om te spreken over deze obstakels. Dit is natuurlijk een hele mooie gelegenheid om de knelpunten tijdens het reizen met een beperking kenbaar te maken aan het vervoersbedrijf. Aan het einde van november was dan ook werkelijk het gesprek met Laura Steur en Inge Vermeulen, directeur Operatie.

Op deze woensdagmiddag vertrok ik eerder van mijn werk om de weg te vinden naar de Arlandaweg. Het grappige is dat ik, bij vertrekken uit het KPN-gebouw, meteen de goede kant op reed. Toch ik zag nergens het naambordje. Daardoor kwam ik iets verder op terecht bij Station Sloterdijk. Daar wat rondgehangen en zoekend kwam ik er uiteindelijk weer. Het was heel vreemd dat ik er voorbij reed, want GVB stond groot op de gevel. Daar aangekomen dacht ik dat ik een pijl zag dat de ingang voor mindervaliden aan de achterkant was. Maar de portier rende al achter mij aan en ik kon wel gewoon via de voorkant erin. Door dit gedoe was ik al een beetje laat. De assistente van Inge Vermeulen leiden mij naar de kamer waar ik het gesprek zou hebben.

Ik kreeg het gevoel dat het beetje later komen niet zo erg was. Na dat koffie werd aangeboden en een lekkere koek gingen we van start. Ik vertelde over mijn ervaring van afgelopen zomer. Dat het voor de buschauffeurs niet duidelijk is of ik met mijn elektrische rolstoel de bus mag nemen. Dat de buschauffeurs, die rijden in oudere bussen, niet weten dat of hoe ze de plank uit moeten leggen. En zelfs het verhaal dat een chauffeur mij erop wees dat ervoor mensen zoals ik er gewoon rolstoeltaxi’s zijn. Ook vertelde ik over eerdere ervaringen met de tram. Dit ging meestal wel goed. Maar ik heb ook gehad dat er gevraagd werd of ik natte of droge accu’s had. Rolstoelen met natte accu’s mogen namelijk niet mee met de tram. Of ik werd geweigerd omdat ze er al vanuit gingen dat mijn rolstoel natte accu’s heeft. Maar rolstoelen met natte accu’s worden al zo’n twintig jaar niet meer gemaakt. Daarnaast vertelde ik dat ik vrienden heb die sowieso niet met de tram durven, omdat ze bang zijn dat ze er niet meer uitkomen. Daar schrokken Inge en Laura wel van. Ze bevestigden namelijk dat het openbaar vervoer van het GVB voor iedereen toegankelijk moet zijn.

Daarna ging ik op pad met Inge om te laten zien welke obstakels ik tegen kom tijdens het reizen. We namen de bus die ik van de zomer ook nam toen de metro maar tot Station Zuid reed. Je zal dan net zien dat deze keer alles wel goed liep. Het was een oude bus waarbij de plank met de hand opengeklapt moet worden. De buschauffeur was vriendelijk en hielp mij goed. We namen de bus tot het Azartplein, redelijk vlakbij mijn huis. Daar namen we nog een stukje de tram om te laten zien hoe dat gaat. Terwijl dat meestal goed gaat werd ik hier juist geweigerd. De conducteur dacht dat mijn rolstoel een scootmobiel was. Toen ik wilde uitleggen dat ik in een elektrische rolstoel zat en niet in een scootmobiel kwam Inge al tussenbeide.

Dit is namelijk ook waar het GVB het meeste aan kan veranderen. De buschauffeurs, conducteurs en trambestuurders bewust maken van de regels. Op het Azartplein zag Inge namelijk ook de tramhalte die de andere kant op ging. Deze had een te smalle stoep om werkelijk op te komen met je rolstoel en de abri stond ook nog eens in de weg. Deze halte was dus totaal niet geschikt om te op te stappen met een rolstoel. Maar de gemeente is weer verantwoordelijk voor de toegankelijkheid van de tram- en bushaltes.

Uiteindelijk is het hartstikke mooi dat ik op gesprek mocht komen bij Inge Vermeulen en Laura Steur. Zij benadrukken dat het GVB toegankelijk moet zijn voor iedereen. Het is daarom goed dat buschauffeurs en trambestuurders bewuster worden van wie wel en niet mee mogen met bus of tram. Nu moet de gemeente nog het GVB helpen en de tram- en bushaltes toegankelijk te maken. Zeker als straks Agenda 22 wordt geratificeerd. We zullen zien wat de toekomst brengt. Voor nu een gelukkig en toegankelijk 2015!

Londen vs. Amsterdam

DSC00156DSC00171

Afgelopen week zat ik voor een weekje in Londen. Deze stad stond al een hele tijd op mijn lijstje om een weer een keer te bezichtigen. Als jongetje van tien ben ik al een keer in deze stad geweest, maar sindsdien ben ik nooit meer die plas over geweest tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk. En nu vraagt u zich af waarom stond Londen zolang op mijn lijstje? Simpel, ik houd van grote wereldsteden. Parijs, Londen,  Berlijn, New York, het kan van mij niet groot genoeg. En als ik dan in deze steden ben wil ik het graag vergelijken met de enige ‘wereldstad’ in ons land: Amsterdam!

Londen? Kun je het vergelijken met Amsterdam? Natuurlijk Londen is een veel grotere stad. Zelfs de hele randstad bij elkaar is nog niet zo groot als Londen. En als je op de kaart van de tube kijkt zijn er wat meer lijnen dan de vier metrolijntjes die Amsterdam heeft. En dan lopen die lijnen ook nog eens flink door elkaar. Maar naar mijn mening is er zeker een vergelijking en dat zit in de manier van leven wat je in zo’n stad kan doen.

Altijd als ik op vakantie ben, ook als het niet een stedentrip, wil ik er achter komen hoe het is om te leven en te wonen op de plek waar ik op dat moment ben. Maar eigenlijk zal je daar nooit achter komen tot dat je werkelijk je leven daar hebt. De reis naar Londen was een groepsreis en dan ga je uiteraard naar de toeristische trekpleisters. Uit ervaring kan ik zeggen dat je dan inderdaad niet ervaart hoe het is om te leven en wonen in zo’n stad. Zo zien toeristen in Amsterdam de grote bekende plekken als de Dam, het Leidse- en de Rembrandtplein. Waar ze naar grote van het terras al op de toerist gerekend hebben. Trouwens is hier niets mee mis, ik ben er met regelmaat ook. Maar de toeristen zien minder snel in de kleinere buurtcafé in Oost, West of andere stadsdelen buiten het Centrum. Dus in Londen heb ik dit ook niet ervaart.

Uiteraard blijf ik in Londen een toerist, dus dan vind je juist de toeristische dingen ook leuk om te zien. Zo ben ik met veel vreugde de draaimolen van Londen Eye ingestapt. Hier kon ik de City of London en de City of Westminster goed overzien Ook drukte ik mij in de menigte met mijn rolstoel bij Buckingham Palace om de wisseling van de wacht te zien. Maar het was zeker leuk om zaterdagavond met vrienden die tijdelijk voor werk in Londen wonen iets anders te zien dan deze toeristische trekpleisters.

Zo zat ik deze specifieke zaterdagavond met vrienden in de iets wat minder toeristische wijk Shoreditch. In een populaire pizzatent op Shoreditch Highstreet om precies te zijn. Deze tent maar ook de buurt, had ik het gevoel, wordt voornamelijk gedomineerd door twintig, dertigers die nog net studeren of net met hun eerste jaren van werk begonnen zijn.  Hier kon ik veel meer zien hoe het is om te leven in Londen. Chris vertelde dat de klassenverdeling veel groter is in Engeland dan in Nederland. Shoreditch wordt gedomineerd door mensen die net begonnen zijn met werk. In dit soort tenten zouden de iets rijkeren niet gezien willen worden. Als je naar een café gaat in Amsterdam dan zou je verschillende soorten mensen daar vinden uit verschillende milieus. Misschien vind je alleen de echte rijken hier niet. Maar de klassenverdeling is dus wel veel groter in Engeland.  Na de pizza met aparte smaken, ik had een pizza met gehaktballen, gingen nog een drankje doen in café. Dit café werd gerund door wat alternatievelingen. Ze zagen er wat uit als het beeld wat ik heb van de Engelse jeugd uit de jaren 80 van de vorige eeuw. Al zijn de jongens geen skinheads meer, maar hadden ze allemaal baarden. Dus ik paste daar wel tussen.

Toen was het tijd om de rit te maken met de tube. Het was goed dat Rob mee was, het andere gedeelte van de vrienden groep. Hij wist zijn weg wel te vinden in de verschillende ondergrondse lijnen die Londen rijk is. En inderdaad na twee keer overstappen zaten we in tube die langs de halte ging die vlakbij mijn hotel stond. Natuurlijk is de Londense tube veel groter en warriger dan de Amsterdamse metro, maar één ding heeft deze tube en metro wel gemeen. De verscheidenheid van mensen. In een tube of metro zie je verschillende mensen, uit verschillende culturen en milieus en die worden zowel in de tube als in de metro altijd geaccepteerd. Zo heb ik nog steeds dat ik mijn ogen uitkijk als ik in de Amsterdamse metro zit.

Uiteindelijk kun je concluderen dat Londen en Amsterdam veel gemeen hebben. Als ‘grote’ stad hebben ze allebei mensen uit verschillende culturen en milieus. Dit is goed terug te zien als je de tube of metro neemt. Het verschil tussen Londen en Amsterdam is dat in een Amsterdams restaurant of café deze verschillende culturen en milieus meer worden geaccepteerd, terwijl je in Londen toch meer je eigen restaurants en cafés hebt. Door mijn vakantie in Londen ben ik er ook achter gekomen hoe blij ik kan zijn dat ik in een stad als Amsterdam woon. In een ‘ wereldstad’ als Amsterdam ben je meer een nummertje dan een bijvoorbeeld een Brabants dorp. Veel Brabantse collega’s vinden Brabant daarom dan ook veel socialer. Misschien is dat zo, maar je bent wel veel vrijer in een stad als Amsterdam en je wordt meer geaccepteerd zoals je bent. En sociaal zit ook in jezelf. Als je meer Amsterdammers zou aanspreken zal je merken hoe sociaal Amsterdammers kunnen zijn. Ik ga nu weer verder genieten van mijn leven in Amsterdam en mensen aanspreken.       

Toeristisch solliciteren

Nog steeds ben ik erg hard bezig om een geschikte baan te vinden. Het sollicitatieproces is bij mij dus nog steeds in volle gang. Het leuke aan solliciteren is dat ik steeds meer plekken in Amsterdam leer kennen. Een dag van te voren zit ik dan ook echt uit te zoeken hoe ik het beste kan reizen. Ov9292.nl is hierdoor ook een favoriete site van mij, al heb ik soms het gevoel dat deze site mij ook wil zeggen: “Ik geef jou niet de snelste route naar je bestemming, maar zo zie je nog eens wat”.

Zo had ik afgelopen dinsdag een sollicitatiegesprek bij Dam Architecten. Dit bureau zit vlakbij Station Lelylaan om precies te zijn op de Schipluidenlaan. Ov9292 gaf aan om met de tram te gaan. Op zich prima. Bij Rietlandpark nam ik tram 10 naar het Leidseplein en daar stapte ik over op tram 1 naar Derkinderenstraat. Op zich liep alles op rolletjes. Maar toen ik in tram 1 aan de conducteur vroeg om bij Derkinderenstraat weer de plank uit te leggen gaf ze aan dat deze halte niet rolstoelvriendelijk was en dat ik beter tot Statoin Lelylaan kon gaan. In gedachten zat ik dan al dat ik dan beter de metro had kunnen nemen.

Het maakte voor het gesprek niet uit. In een eerdere blog heb ik al aangegeven dat ik voor het reizen ruim de tijd neem. Hierdoor was ik weer een uur te vroeg op mijn gesprek. Het grappige was dat meneer Dam dat niet eens wist en het gesprek kon eigenlijk meteen beginnen. Mevrouw Bisseling was ook bij het gesprek. Zij werkt voor de public relations bij Dam Architecten. Meneer Dam was erg onder de indruk van mijn curriculum vitae. Daar word ik altijd erg verlegen van. Zelf heb ik het gevoel dat ik nog niets bereikt heb en dat ik mij nog moet bewijzen.

Het was een kennismakingsgesprek en dat betekent dat er niets belooft kan worden . Maar altijd goed om zo’n gesprek aan te gaan. Zo leren ze mij kennen. Er was wel een brainstormgedachten over een project waar ik aan zou kunnen werken. Na het gesprek kreeg ik nog een rondleiding door het bureau. Het ontbreekt de medewerkers van dit bureau aan niets. Zo is het eetgedeelte heel relax. Met mooie stoelen en een echte bar, die niet zou misstaan in een hotel als het Hilton. Maar dan is het ook echt hard werken bij een bureau als Dam Architecten.

Het kwam er weer op aan om aan de terugrit te beginnen. De gedachten om de metro te nemen was ik al weer vergeten. En ik zag dat bij Station Lelylaan twee trams vertrokken, tram 1 en tram 17. Eerst kwam tram 17 langs en er stond dat deze uiteindelijk ook zou eindigen bij het Centraal Station. Hierdoor dacht ik dat ik net zo goed deze tram kon nemen. Dit heeft ervoor dat ik echt een City tour door Amsterdam kreeg. Heel Oud-West heb ik gezien en de Kinkerbuurt vind ik altijd wel mooi om doorheen te rijden. Vanaf Centraal Station is het toch maar even een kort stukje langs het IJ. Zo heb ik een sollicitatiegesprek gecombineerd met een toeristische trip.

Een week gericht op solliciteren

Ondanks dat ik nu een mooie blog heb waar ik schrijf over verschillende onderwerpen is mijn doel nog steeds om een passende baan te vinden. Dit stond afgelopen week dan ook onder de aandacht. Zo had ik vorige week maandag een gesprek bij Price Waterhouse Coopers (PwC) en woensdag had ik een intakegesprek bij Cap100, de organisatie van Lucille Werner. Zij komt één keer in de zoveel tijd met een selectie van 100 getalenteerde mensen met handicap en introduceert deze mensen aan het bedrijfsleven.

Voor het gesprek met PwC moest ik weer een tocht maken door Amsterdam. Bijna weer aan de andere kant van Amsterdam. Het kantoor van PwC is in de richting van Station Zuid. Toen ik bij de metrohalte was die het meest dichtbij is was het niet ver meer rijden. Dit had het resultaat dat ik een uur te vroeg was. Ik heb namelijk moeite met mijn oriëntatie. Dit zorgt ervoor dat ik vroeger van huis vertrek omdat ik tijd incalculeer voor fouten tijdens het reizen. Als ik eenmaal een plek ken heb ik er geen moeite meer mee. Gelukkig kreeg ik koffie aangeboden en lag er een goede krant in de wachtruimte.

Vlak voor mijn gesprek moest ik toch nog even naar de toilet. Wat er voor zorgde Human Resource Manager al op mij zat te wachten. Na dat ik met de lift naar boven ging was er lange gang naar de bewuste kamer waar ik het gesprek zou hebben. Een organisatie als PwC heeft zelfs een grote lange verdieping over voor Human Resource. Het was een goed gesprek. Ik kon goed duidelijk maken waar mijn kwaliteiten liggen en wat ik in het verleden gedaan heb. Dit was wel een kennismakingsgesprek waaruit gekeken zou worden of er iets voor mij is. Daarnaast wil ze haar netwerk gebruiken om te kijken of collega HR-managers ook iets voor mij zouden kunnen betekenen. Op het einde van het kwam toch nog Marloes langs. Haar ken ik van ’t Vossenhol en zij heeft mij geholpen aan dit gesprek. We kwamen overeen dat zij bij de volgende Vossenholweek niet meer hoefde uit te leggen wat ze doet. Daarna stond weer een terugrit op mij te wachten met de metro.

Twee dagen later had ik alweer een gesprek. Nu met de Cap100 begeleidsters en dit was grappig genoeg bij Capgemini in Utrecht. Het zit in de naam. Cap100 wil steeds een groep van 100 talenten met lichamelijke handicap onder de aandacht brengen aan het bedrijfsleven. Ik weet niet of ik echt zo’n groot talent ben, maar ik zou graag werkervaring willen opbouwen bij een grotere organisatie. Daarnaast denk ik dat ik bij zo’n organisatie veel kan leren.

Alhoewel ik veel te vroeg aanwezig was in Utrecht kon ik vrij snel met gesprek beginnen. De vorige kandidaat was ook vroeger aanwezig waardoor dat gesprek al achter de rug was. Het was weer een goed gesprek. Ik krijg steeds meer ervaring in dit soort gesprekken. Ik voelde dat het een goed gesprek was en ik moet mij nu goed voorbereiden op de trainingsdag van volgende week.

Doordat het gesprek vroeger plaatsvond was het ook langer wachten op de taxi. Gelukkig waren er gezellige medepassagiers. En groep van gepensioneerde Amsterdammers. Dit waren echte Amsterdammers dat kon je horen. Ik vertelde dat ik nu bijna twee jaar in Amsterdam woon en dat mij zo beviel dat ik er nooit meer weg wil. Dat konden zij goed begrijpen. De dames woonden op IJburg en ik vroeg ook of dat beviel en niet waf afgelegen lag van de rest van Amsterdam. Maar ze woonden er prima en je bent zo in de stad. Wat een rit naar Utrecht niet kan opleveren.

Ajax here we come!

In eerdere blogs heb ik al eens verteld over mijn ervaringen met reizen met tram en metro  (http://wijreddenonswel.nl/werk-ervaring-marnix-brockmeier-deel-2/). Reizen naar een voetbalwedstrijd is weer een hele andere ervaring. Op elkaar gedrukt ga je de metro in. Dit omdat iedereen op het zelfde moment de Arena verlaat. Het verschil tussen reizen met de metro en reizen met de tram is dat ze mij minder vreemd aan kijken. Mensen roepen: “Even doordrukken, er moet nog een rolstoel bij.” Dan sta ik daar tussen de bezwete mede-supporters. Zo dicht op elkaar dat de geuren van elkaar te ruiken zijn. Je weet wat ze voor de wedstrijd gedronken en gegeten hebben.

Gisteren nam ik weer de trip naar de Arena om onze jongens naar een overwinning te schreeuwen tegen geelzwarten uit Arnhem. Met mijn vriend Pieter had ik afgesproken om voor de wedstrijd nog een hapje te eten. Na het hapje eten gingen we naar het Grolsch Café om met de andere rood-wit gekleurden al te drinken op de overwinning. Want dat is onze Amsterdamsche bluf, we gaan er al vanuit dat we al gewonnen hebben.

Dan druppelen de supporters de Arena in. De landskampioenschap van vorig jaar heeft de Amsterdamsche bluf weer laten leven. Er wordt weer gezongen als ’95. Alsof we elke week weer 7, 8-0 winnen. Onze jongens hebben het de eerste helft moeilijk. Maar we blijven ze aanmoedigen en de tweede helft leidt dit tot het juiste resultaat.

De terugreis is weer aangebroken en ze maken weer ruimte voor mij in de metro. Dat is het teken dat ik erbij hoor. Allen voor één, één voor allen! De geuren van zweet zijn weer te ruiken. En de man naast mij heeft een shoarmatje op dat goed met knoflook gevuld was.  Maar ik zit er niet mee. Dit is de geur van overwinning. Wij zijn Ajax en wij zijn de beste!